Catherine Windels
-Vijfde generatie- Dochter van Anne & Karel.
Huis Windels is meer dan alleen een winkel. Het is een familieverhaal van ambacht, durf en passie. Van sigaren tot sterke dranken, van handgemaakte tradities tot innovatieve samenwerkingen: elke generatie voegde een eigen hoofdstuk toe. Ontdek hoe een klein familiebedrijf uitgroeide tot een begrip in de wereld van spirits.
“Het is niet altijd evident”, start ze haar antwoord. “Die zaak zit in alles doordrongen. Wij woonden ook op dezelfde plek. ’s Avonds zat mijn moeder de boekhouding nog te doen en zat mijn vader nog in ’t fabriek. Nu ik ouder ben, zie ik ook wel dat het de familiebanden sterker maakt. Iedereen van ons is op z’n eigen manier enorm fier op Huis Windels. Ik heb eerst zelf met mijn ouders gewerkt en nu kan ik samenwerken met mijn eigen dochter en kinderen van mijn zus, dat is bijzonder. Ik heb dat pas gemerkt sinds Michiel hier niet meer werkte. Er zijn dingen die collega-familieleden doen, die eigenlijk niet onder hun takenpakket vallen. Het is niet alleen rationeel dat je moet denken maar ook emotioneel. In je werk moet je veel dingen kunnen loslaten, maar dat is veel moeilijker bij je eigen vlees en bloed.”
“Mijn herinneringen draaien allemaal rond tabak omdat daar de meeste energie in gestoken werd. Natuurlijk is die fabriek ook heel aanwezig. Als ik vroeger in de tuin speelde, stonden in de zomer de fabrieksramen open. Je hoorde constant het geluid van de machines. Dat geluid was er altijd. En het geluid van mijn vader die nog harder riep dan die machines en nog harder vloekte wanneer er weeral iets kapotging.” (lacht) “In ‘t fabriek hing er een gevoel van “ik mag hier doen wat ik wil”. Daar was de vrijheid. Het is raar wanneer de deur van de winkel ook je voordeur is. Daar moet je altijd beleefd zijn, met twee woorden spreken. Iedereen wist ook altijd alles. Als ik met een jongen had gekust op de Veemarkt, dan wist mama dat als ik in de winkel toekwam. Letterlijk. Mechelen is niet groot.”
“Er zijn sommige klanten die mij al kennen van toen ik heel jong was, die mij hoogzwanger van een tweeling in de winkel hebben zien staan. Er zijn zelfs klanten waarvan ik rouwbrieven krijg. Zo is er een weduwe van een heel trouwe sigarenroker. Om de zoveel tijd komt zij nog eens naar hier, gewoon om de geur te ruiken die haar zo hard aan haar overleden man doet denken.” Ja, als Catherine over haar zaak spreekt, doet ze dat met een aparte mix van nostalgie en toekomstvisie. “Ik ben dankzij de winkel op de zotste plekken van de wereld geweest. Mijn wereld was veel kleiner geweest als ik dat niet had gedaan en ikzelf zou niet de mens zijn geweest die ik nu ben.”